Hoepelman Kappers aan de Gelderse Dam heeft doorlopend stagiaires in dienst. Leerlingen die de kappersopleiding op het MBO volgen. “Stagiaires zijn de medewerkers van de toekomst,” aldus eigenaar Marco Hoepelman. “Ik vind het belangrijk dat jonge mensen de kans krijgen om het vak te leren.” In zijn salon oefenen de stagiaires wekelijks na werktijd met specifieke technieken.
Wij mogen een kijkje nemen op de trainingsavond. Vijf stagiaires oefenen ‘laagjes knippen’ op hun eigen model. Twee ervaren collega’s geven instructies. Romy, Myla en Mariska vertellen ons hoe het gaat als beginnend kapper.
Meer leren
Romy en Myla zitten in hun eerste jaar op het KW1 College. Donderdags gaan ze naar school, andere dagen werken ze hier. Mariska zit in het tweede jaar. Zij volgt haar opleiding op het Beauty College in Utrecht. Ze zijn het er over eens dat ze hier in de salon veel meer leren dan op school.
Romy: “Als je hier nieuw komt kan je nog niet zoveel. Maar ik deed wel gelijk mee aan de trainingsavonden. Daar oefende ik op de pop en deed uitgroei op een model. Nu doe ik die uitgroei ook in de salon.” Mariska ging weg bij een salon waar ze weinig kans kreeg om nieuwe dingen te oefenen. “Hier mag ik veel meer doen. Harstikke leuk.”
Op trainingsavonden nemen ze zelf een model mee. Mariska knipt vanavond haar vriend: ”Ik ben nu een overloop aan het maken met de tondeuse. Hier boven langer en hier onder korter. Dan moet ik van de lange naar de korte techniek. Dat kan ook met kam en schaar, maar met de tondeuse is net een stapje moeilijker.” Myla, die al klaar is met de opdracht, oefent nu het föhnen met borstels. Dikke borstels bungelen in de lange haren van haar model.
Kniptechnieken
Alle drie zijn ze enthousiast over het kappersvak. Romy: “Het is heel gevarieerd: knippen, vlechten, kleuren. Het lijkt makkelijk, maar er komen ingewikkelde technieken bij kijken. Je kunt zoveel bijleren.” Myla: “Vooraf besef je niet hoeveel manieren van knippen er zijn. Je denkt: haren knippen is haren knippen. Maar dat is niet zo. De ene kniptechniek staat mooi bij de een, bij de ander moet je net iets anders doen. Leuk om dat te leren”. Mariska: “Er zijn zoveel verschillende kniptechnieken! Het is een heel breed vak. Je bent er nooit mee klaar.”
Als kapper ben je ook de hele dag met mensen bezig. Die sociale kant van het vak vinden ze erg leuk. Mariska: “Als kapper moet je wel van een praatje houden. Niet bang zijn om met mensen in gesprek te gaan. Dat moet je wel kunnen.” Romy: “In het begin vond ik het wel lastig om iemand aan te spreken, want ik ben veel jonger dan de klanten. Maar nu vind ik het keileuk om alle verhalen te horen.”
Afwisseling
Myla: “We hebben in deze salon veel klanten, je hebt altijd wel iets te doen. Ook saaiere dingen, zoals afwas, handdoeken vouwen. Maar dat is af en toe ook wel lekker. En als er even niets te doen is kan ik op de pop oefenen.” Mariska: “Het leuke is de afwisseling. Je knipt de hele dag, maar je krijgt steeds andere kapsels te knippen. Iedereen heeft ander haar, het is iedere keer weer anders."
Kappers maken lange dagen. Myla: “Ik heb wel onderschat hoe zwaar het is om de hele dag staand bezig te zijn. Je weet dat wel, maar kan je niet voorstellen hoe dat echt is.” Mariska: “Je hebt veel concentratie nodig, want je mag met knippen geen haren over slaan. Je moet de hele dag gefocust zijn.” Romy: “De drukte vind ik soms wel lastig. Je krijgt er nog van alles bij: telefoon, wassen. En je moet alles binnen een bepaalde tijd doen. Daar moest ik wel aan wennen.”
Trots
Als klanten goed geknipt blij de deur uit gaan geeft dat voldoening. Mariska: “Als het gelukt is om vlekkeloos te knippen, als het ging zoals ik het in mijn hoofd had, dan ben ik wel trots.” Myla: “Het is fijn om mensen echt blij te maken. Dat jij er aan bijdraagt dat iemand zichzelf mooi vindt. Sommigen zijn echt heel dankbaar, dan ben ik wel trots.”
Romy, Myla en Mariska hebben het naar hun zin in de kapsalon. “We hebben een gezellig team van jonge mensen.” “Door de trainingsavonden leren we elkaar ook steeds beter kennen.”
En wat ze straks na hun opleiding gaan doen? “Misschien blijven we wel hier.”